Methodologie · Risicoklasse

Hoe wij risico inschatten.

Iedere fondspagina toont een risicoklasse op een schaal van 1 tot 7. Dat cijfer is redactioneel — onze inschatting na lezen van memorandum, jaarverslagen en gesprekken met de beheerder. Hieronder welke factoren we wegen en hoe ons getal zich verhoudt tot de wettelijke SRI in het Eid.

De schaal

Wat de klasse betekent.

1–2
Laag risico

Korte looptijd, hard onderpand of senior gedekte vorderingen, lage hefboom, voorspelbare cashflow. Voorbeelden: senior-secured private debt onder 60% LTV, kortlopende hypotheken met eerste recht.

3–4
Gematigd risico

Middellange looptijd, gedekte vorderingen met enige correlatie naar de economie, of vastgoed met stabiele kasstroom. Hefboom binnen marktconforme grenzen. Voorbeelden: woningfondsen met lopende huur, infrafondsen onder concessie.

5
Verhoogd risico

Lange looptijd, gedeeltelijk illiquide, gevoeligheid voor conjunctuur of energieprijs. Exits niet gegarandeerd. Voorbeelden: commercieel vastgoed, energie­transitie-fondsen, achtergestelde leningen aan MKB.

6
Hoog risico

Klassiek private equity en MKB-buyout: 10-jarige lock-up, J-curve in de eerste jaren, exit-risico, hoge concentratie per deelneming, hefboom op portfolio-niveau. Rendementspotentieel is structureel hoger, maar het kapitaal staat lang vast en deelnemingen kunnen falen.

7
Zeer hoog risico

Venture capital, early-stage fondsen, hoog-gehefboomde strategieën. Verwacht verlies bij een meerderheid van de deelnemingen — het rendement komt van enkele uitschieters. Past niet bij elke beleggingsdoelstelling.

Wat we wegen

Zes factoren.

Looptijd en liquiditeit

Hoe langer uw geld vaststaat zonder secundaire markt, hoe hoger de risicoklasse. Een 10-jarige PE-commitment scoort structureel anders dan een open-end vastgoedfonds met kwartaaluittredingen.

Onderpand en zekerheden

Senior gedekte vorderingen met eerste recht van hypotheek of pand verlagen de klasse. Achtergesteld of ongedekt verhoogt het cijfer. We kijken ook naar de kwaliteit van het onderpand, niet alleen of het er is.

Hefboom (leverage)

Bankfinanciering op fondsniveau of op portefeuille­niveau vergroot zowel rendement als risico. Hoge LTV op een vastgoedportefeuille of debt-to-equity boven 2× op een PE-fonds tikt door in onze klasse.

Concentratie

Een fonds met 6 deelnemingen draagt meer single-name-risico dan een fonds met 30. We wegen hoe gespreid de portefeuille is over sectoren, geografie en deal-omvang.

Exit-risico en J-curve

Closed-end fondsen die afhankelijk zijn van M&A-markt of IPO-vensters voor exits krijgen een hogere klasse. De eerste vijf jaar (J-curve) is uw kapitaal opgeroepen maar de NAV staat nog op kostprijs — die periode telt mee.

Track record van de beheerder

Een eerste-fondsmanager zonder herleidbare historie wordt voorzichtiger ingeschaald dan een team met drie of meer afgewikkelde fondsen. Realisaties uit eerdere vintages zijn een toetssteen, niet een garantie.

Onze klasse vs. de SRI

Waarom ze kunnen verschillen.

De Summary Risk Indicator (SRI) in het Eid van een fonds is wettelijk voorgeschreven en wordt berekend op basis van twee maatstaven: marktrisico (volatiliteit van het historische rendement) en kredietrisico (kans op default van de tegenpartij). Voor jonge of illiquide fondsen wordt vaak een aanname gebruikt omdat er onvoldoende historische data is.

Onze redactionele klasse is bewust breder. Wij wegen óók illiquiditeit op zichzelf, exit-risico, beheerder-kwaliteit en concentratie — zaken die de SRI niet of slechts indirect meeneemt. Daardoor scoort een klassiek PE-fonds bij ons doorgaans hoger (6/7) dan in het Eid (vaak 4/7). De SRI vertelt u "hoe schommelt de waarde", onze klasse vertelt u óók "hoe gemakkelijk komt u eruit als u dat wilt".

Op iedere fondspagina staat onze redactionele klasse leidend in de risico-sectie. De SRI uit het Eid is altijd raadpleegbaar via de documenten-tab — beide cijfers zijn relevant.

Laatst herzien op 2 mei 2026. Volgende herziening: oktober 2026.
Terug naar de methodologie-overzichtspagina →
Belangrijke informatie AFM-vrijstelling, risico's, fiscaliteit — klik om uit te klappen
Belangrijke informatie. Fondskompas biedt feitelijke oriëntatie, geen beleggingsadvies. De getoonde gegevens zijn ontleend aan publiekelijk beschikbare bronnen en prospectussen van aanbieders. Alle getoonde fondsen worden aangeboden onder de vrijstelling van prospectus- en vergunningplicht (minimale inleg ≥ € 100.000 per belegger, artikel 5:3 Wft en de Vrijstellingsregeling Wft); de AFM houdt op deze aanbiedingen geen inhoudelijk toezicht onder de Wft. Rendementspercentages zijn streefrendementen — geen toezegging — en het werkelijke rendement kan negatief zijn; u kunt uw inleg geheel of gedeeltelijk verliezen. Deelnemingen zijn doorgaans illiquide: tussentijdse uittreding is meestal niet of beperkt mogelijk. Vermogen in deze fondsen valt in box 3 en wordt forfaitair belast volgens het regime van de Belastingdienst. SFDR-classificaties (artikel 6, 8 of 9) verwijzen naar duurzaamheidskenmerken van het fonds, niet naar een AFM-goedkeuring. Wij ontvangen een vergoeding van aanbieders bij een succesvolle introductie — onze diensten zijn voor u kosteloos. Vergelijk altijd het volledige prospectus, het informatiememorandum en — indien beschikbaar — het Essentiële-Informatiedocument (Eid) voordat u een beslissing neemt. Zie de volledige disclaimer, het artikel over de €100k-vrijstelling en de begrippenlijst.
Nieuwsbrief

Bericht bij elk nieuw fonds, plus achtergrond-artikelen.

We zijn nog niet aan het versturen — schrijf u in en u hoort het zodra de eerste editie verstuurd wordt. Opzeggen met één klik.

Inschrijven